Energielab

Het meest opvallende element in De Schuur wordt onze modulaire landbouwtoren. Met behulp van LED verlichting kweken we planten. Die planten hebben veel minder meststoffen en energie nodig dan de planten op het veld. Bovendien kunnen we met de restwarmte van de LED verlichting water verwarmen. De droom: kan dit water onze ruimtes in De Schuur verwarmen? Kunnen we met andere woorden een gesloten ecosysteem opbouwen en de energieverliezen tot het minimum beperken? En tegelijkertijd de opbrengst van de kweek ter plekke verwerken in een lokaal cooperatief restaurant?

Architectuur

De Buren van De Schuur

De Schuur is open voor de buurt. Een netwerk van buren organiseert en is aanspreekpunt voor mensen uit de buurt.
Machines

Makers in Timelab

Samen maken versterkt. Of het nu gaat over het oprichten van een zaak, een hobbyproject of een gemeenschapsproject, alle makers kennen het gevoel van vast te lopen in het creatieproces. Een gedeeld labo met de nodige machines om te prototypen, gedeelde kennis en een open houding leidt tot ondenkbare realisaties en dromen. De makers in Timelab hebben eigen projecten, gedeelde projecten en helpen op veelerlei vlakken in de organisatie. Wil je deel worden van deze groep? Neem contact op!

Educatie

Proud to be made

Het gros van de textiele afvalberg bestaat uit onrecycleerbaar materiaal. Een mix van vezels die moeilijk recycleerbaar is of waarvan de kost voor het scheiden te hoog is. Aan de hand van vindingrijke manipulaties zoals coaten en lasercutten ontstaat een materiaal dat kan gebruikt worden als alternatief voor leer. Via eenvoudige assemblage wordt een kleinschalige productie opgezet bij de partners in de maatwerkbedrijven. Projectleider Helena De Smet organiseert samen met de partners leermomenten voor doelgroepmedewerkers en zet een prachtige reeks accessoires op de markt. Terecht PROUD TO BE MADE.

Architectuur

Tijd voor Ruimte

Na experimenteren met tijdelijke en permanente invulling van complexe publieke gebouwen bouwen we bij Timelab een nieuwe plek in de stad. Deze voormalige brownfield biedt 1800 M2 open en gedeelde ruimte vlakbij Gent-Dampoort Station. Vanuit de kritische artistieke praktijk van Timelab vzw ontwikkelt deze plek zich als experimentele ruimte voor nieuwe economie en lokale productie gebaseerd op internationale kennis en netwerken. Concreet komen er 5 labo's, namelijk het open Makerslab, experimentele Energielab, laagdrempelige Textiellab, productiegerichte Materialenlab en show room Waterlab. Daarnaast vormt de ruimte het actieterrein van een groeiend internationaal netwerk van kunstenaars (sprinters) en coaches in Commonstransitie (School of Commmons). Tot slot delen we de ruimte met partnerorganisaties Stadslabo cvba, Muntuit vzw en P2P foundation.

voedselbos in de stad

Een eetbare tuin in de stad. Een fraaie selectie van fruit, groenten en kruiden. Oogst overheen het hele jaar. Tegen zomer 21 kan je genieten van al dit lekkers en verpozen in deze oase van rust en groen in de stad. 

img : Wikimedia CC BY SA Graham Burnett

Architectuur

Andere projecten van Timelab

Remodeling Common Ground

Traditionele volkeren in Samoa bouwen hun kano’s aan de hand van een overgeleverd lied, dat het bouwproces beschrijft. Ze vellen de boom; verwijderen de takken van de stam; halen de bast weg; hollen het binnenste uit; snijden de buitenvorm van de romp; vormen de boeg en de achtersteven; snijden decoraties uit op de boeg… Elke kano gemaakt volgens dit proces is anders; ze zijn allemaal mooi op hun manier, omdat het proces zo licht, zo eenvoudig, zo direct is. Er wordt geen tijd verloren aan vragen zoals : welk soort kano we zullen bouwen, welke vorm de romp moet krijgen, of er stoeltjes in moeten plaatsen – al deze beslissingen zijn al genomen – zodat alle energie en alle gevoel van de makers besteed wordt aan het specifieke karakter van precies deze kano.
De belichaming van het geheugen
Wat zorgt ervoor dat een herinnering tot leven komt? Hoe dragen we kennis over in de tijd en op een andere manier dan in theorie of taal? Wat kunnen we van de tribale volkeren leren? In een tijdsbestek van 10 jaar zijn er veel co-creatie projecten opgezet. Sommigen waren zeer succesvol, anderen waren van zeer korte duur of werden geconfronteerd met interpersoonlijke problemen, onduidelijke processen of veranderende doelen. Het project Adem (ik-adem.be) was een van de acupunctuur momenten in de ontwikkeling van de co-creatie methodiek waarbij meer dan 20 mensen bezig waren met het maken van een toestel om de kwaliteit van de lucht tijdens een fietstocht te meten. Er was geen budget, geen strikte deadlines, maar een zeer rigide coaching van de groep in het incrementele ontwerp van het apparaat, de werkplaats, de handleiding en de campagne. Het vorige succesverhaal van Calabaaz, een zonnelamp voor Togo, toonde aan hoe belangrijk de begeleiding en het doel zijn voor een groep makers om zich intrinsiek gemotiveerd te voelen om samen te werken. Door de jaren heen is de kennis van Timelab op een zeer organische manier gegroeid. In 2017, tijdens de start van de sprinters, het experiment met NEST en de samenwerking in het commons-transitieplan van Gent, kwam de behoefte aan een formele gemeenschappelijke basis rond praktisch leren naar voren en leidde dit tot de oprichting van de School of Commons. Geïnspireerd door de patroontaal van Christopher Alexander en beïnvloed door vele andere denkers over modellen en principes voor commons, ontstond de eerste reeks patronen voor de School of Commons. Als observaties van aspecten en perspectieven die we willen heroverwegen, gecombineerd met praktische voorstellen voor manieren om het veranderingsproces te beïnvloeden, werden de patronen de ruggengraat van een trainingsprogramma en later een bordspel. Naast het gebruik van het bordspel in participatieve processen in onze eigen projecten en voor anderen, bieden we ook een coaching programma aan om je eigen spel te maken, met je eigen echte cases en tools.
Ontdekken van gedeelde ervaringen overheen tijd en ruimte
Door meerdere iteraties op verschillende plaatsen te organiseren, met behulp van de methodes van School of Commons, ontwikkelen we een taal om ervaringen te delen en op een praktische manier collectieve kennis op te bouwen, gebaseerd op experimenten, debat en publicaties.

Cultural and Creative Spaces and Cities

In order to counter the challenges of reducing social resources, ageing population, social polarisation and urbanisation of European cities and regions, it is necessary to develop cooperation and joint creation between individual sectors. Cultural and Creative Spaces and Cities (2018-2021), is a policy project co-funded by the Creative Europe programme of the EU. It brings together a consortium of ten organisations led by TEH and aims to prove how creativity, participatory processes and co-design of public policies can transform public spaces and cities.

 

Reclaiming Ownership

Hoe groter en diverser de gemeenschap wordt, hoe meer je je bewust wordt van de noodzaak om de ongehoorde stemmen in acht te nemen, de autonomie van de groep te definiëren en macht te verdelen. Dit is een bewustzijn dat exponentieel groeide toen burgerparticipatie projecten steeds vaker op het programma stonden. En misschien meer specifiek: wat is de verantwoordingsplicht van de organisatie die de co-creatie faciliteert? Welke taal gebruiken we? Welke vragen stellen we? Welke verwachtingen hebben we? Waar voelen we weerstand? Hoe omarmen we het anders zijn en ontwrichting? We hebben het op de harde manier geleerd. Je kunt ook besluiten om de deur niet open te doen, of je gaat naar buiten en verwelkomt alles wat je leert. Als organisatie die deel uitmaakt van de kunstenscène in Vlaanderen en daarbuiten - maar eerlijk gezegd denk ik niet dat dit anders is dan enig ander bedrijf of organisatie die deel uitmaakt van het neoliberale paradigma - moeten we rekening houden met imago, positionering, netwerk, waarde en zogenaamde macht van wat wij beschouwen als een onvoorwaardelijke positie van de zwakken ten opzichte van de rijken (de markt).
Je voelt je verbonden met activisme, progressieve ideeën, verandering, beweging, strijd, geloof, maar je vindt niet de sleutel om contact te maken met mensen die leven met de ongelijkheid waartegen je vecht. Onderweg ontdek je een diepgaande reorganisatie van je eigen perspectief en mindset. Daar begon het proces van het ontwikkelen van een blauwdruk van een andere organisatie. Gaandeweg lijken de obstakels te groeien in plaats van te verdwijnen. We werden ons steeds meer bewust van onze vooroordelen en het rigide systeem dat verandering lijkt te voorkomen. We leerden over bewegingen, het delen van eigendom, het versterken van mensen. We doken in het beoefenen van Holacracy, Sociocracy, Deep Democracy en de vele tools die daarbij horen. We bestudeerden commons vanuit een historisch, antropologisch en stedelijk perspectief. We voelden de toenemende emoties bij het experimenteren met een gemeenschappelijk budget en de private toewijzing van middelen aan kunstenaars en makers. We zagen de machtsverschuiving in groepen die niet gereguleerd waren. We leerden deze spanningen te omarmen en ze te gebruiken als brandstof voor verandering. We ontdekten dat ‘goede ideeën’ geen goed startpunt zijn voor creatie, maar deze spanningen wel. We hebben geoefend als coach, met als doel om obstakels weg te nemen die mensen verhinderen aan hun macht te komen. We introduceerden gedistribueerd beheer en de kracht van de grondwet en rituelen van een organisatie. Bovenal hebben we afgeleerd, afgeleerd en afgeleerd, om onze mentaliteit, gewoonte door gewoonte, te veranderen, de tijd te nemen en na te denken in de veilige omgeving van vertrouwen en geloof in elkaar. Een ruimte die echt is en de verandering stimuleert door belichaming en het bewust worden van onze gewoonten. In 2021 richten we ons op het vastleggen van deze gewoontes in de organisatie, in een open dialoog met de sprintersgroep van kunstenaars. Vanaf 2022 starten we met een nieuw experiment, waarbij we een parallelle nieuwe cirkel met artiesten opzetten en een programma van coaching en peer learning door het team.

Redefining Cultural Space

In juni 2009 kwamen vier oprichters samen in een voormalige snoepfabriek in het stadscentrum om het eerste fablab in België op te zetten. Time Festival, een nomadische organisatie sinds 1989, transformeerde drastisch in Timelab door een makerspace te installeren voor meer dan 100 lokale makers en een reeks internationale artiesten in residentie. Hier begon onze pleidooi voor onafhankelijke culturele ruimte.
Wrijving en activisme in de openbare ruimte
Ook al wisten we toen nog niet dat het meer dan 10 jaar zou duren om een ​​autonome ruimte te bouwen, het was een uitdagende reis om de balans te vinden tussen onze kernwerking als kunstenorganisatie en de dagelijkse behoefte aan ruimte waarbij veel obstakels op de loer lagen. Al snel werd duidelijk dat we niet alleen de grenzen van de gedeelde ruimte verlegden, maar ook de grenzen van de de organisatie zelf en het werkmodel. Het bezitten / claimen / hervormen van openbare, civiele en maatschappelijke ruimte vormde het debat om tot een tastbare arena. Tijd, ruimte en reflectie voor een samenleving in beweging werd onze missie. Tussen 2009 en 2013 verkenden we de openbare ruimte door middel van een reeks Bootcamps met internationale artiesten die de stad heroverden. 2014 was een keerpunt waar Niets is Verloren het jaarthema werd en waarin 7 co-gecreëerde projecten werden opgezet als prototype voor het vrijmaken van middelen in het publieke domein. Een voorbeeld is de productie op basis van openbaar beschikbare, ongewenste biologische bronnen, zoals gin van Japanse duizendknoop en stoofpot van Canadese ganzen.
Materialisatie van ruimte en mede-eigenaarschap
Niet veel later vormde een reeks debatten over ruimte (Spatial Series) het uitgangspunt van het project genaamd 33 years of space, met de nadruk op de vraag naar flexibiliteit van bouwen en bewustwording voor volgende generaties. Hoewel dit project gefocust was op materialen en architectuur, werd al snel duidelijk dat we een strategie nodig hadden waarbij eigenaren en gebruikers van de ruimte betrokken zijn. Beïnvloed door de theoretische heropleving van de commons, was NEST, een nieuw opgericht project van tijdelijke invulling, een voorbeeld van co-governance en het creëren van culturele ruimte zonder een top-down programma. NEST was een enorm succes en een krachtige ervaring voor meer dan 150 initiatieven die betrokken waren bij het opzetten van duizenden activiteiten in het voormalige bibliotheekgebouw van 6000 m² in het stadscentrum van Gent. Niet alleen als culturele vrije ruimte, maar ook als broedplaats voor impactvolle startups, genereerde dit project in 1 jaar tijd meer dan 50 nieuwe initiatieven en bedrijven.
Inclusieve ruimte
Al snel rees de vraag hoe je een ruimte als deze inclusiever kon maken. RSL op POST was onze volgende uitdaging. Hier ging de stad Roeselare een 3-jarige samenwerking aan met Timelab om een ​​gedeelde ruimte te coachen en te co-creëren waar kwetsbare mensen zich welkom konden voelen en mede-eigenaar van de ruimte konden zijn. Deze ervaring was hartverwarmend. We zijn zo dankbaar dat we deze kans hebben gehad, die we gaandeweg met ons meedragen om Timelab om te vormen tot een autonome culturele ruimte in de stad Gent.
Vier fases voor het bouwen van flexibele ruimte
Bij het ontwerpen van het nieuwe gebouw van Timelab hebben we 4 ontwikkelingsfases uiteengezet, afhankelijk van de duur van de impact van de genomen beslissingen. Deze oefening maakte duidelijk dat de omgeving het meest prominent is en de functie eigenlijk het laatste aspect waarmee rekening moet worden gehouden. Na 2 jaar werken in de buurt onder de naam De Schuur volgde de structurele renovatie, technieken en tenslotte de functie. Het resultaat is een ruimte die functioneel verbonden is met de buurt en een rol speelt in de transitie van de buurt, niet alleen door middel van een cultureel programma, maar door echte relaties.
In de afgelopen 10 jaar is Timelab uitgegroeid van een activistische benadering in het terugwinnen van de openbare ruimte tot een aanbieder van ruimte die de gebruiker en bezoeker bewust maakt van de manier waarop we naar stedenbouw en architectuur kijken. In 2021 begint de volgende reis in het onderzoek naar hoe we in een elastische ruimte met gemeenschappelijke middelen en zonder binnenmuren kunnen samenwerken en -leven. Partners op deze reis zijn A2O architecten, Common Room, Bouwmeester Team. Wij zijn van mening dat de nieuwe ruimte vraagtekens moet blijven zetten bij en voorbeelden moet blijven tonen van mogelijke systemische veranderingen en wij geloven dat alle betrokkenen moeten blijven dromen over hoe de kracht van culturele ruimte opnieuw gedefinieerd kan worden.

Reinforcing Practical Learning

Een nieuwe leeromgeving
Hier zijn we, bewust ongeschoold, bewust van het feit dat we moeten leren. Zelfs als het ongemakkelijk aanvoelt. En we moeten eerst ontleren. Dit is de eerste stap naar persoonlijke groei. De dominante benadering van leren in de westerse samenleving is gebaseerd op kennis en intellectuele arbeid. Al doende leren, beroepsopleiding en niet-formeel leren worden als minder waardevol ervaren. Hoewel veel mensen de kracht van ervaring erkennen. Door in 2010 een onafhankelijke makerspace op te zetten werd duidelijk hoe deze omgevingen kunnen bijdragen aan ieders leerervaring. Niet ingebed zijn in het onderwijssysteem was de kracht en tegelijkertijd de last van alle ruimtes die we omschrijven als een makerspace, fablab en hackerspace. Samen met een internationaal netwerk van onderwijzers, professionals in technische omgevingen en beleidsmakers zijn we begonnen met het opstellen van het beoordelingskader, modaliteiten, kenmerken en interacties die formeel leren stimuleren in een open en toegankelijke omgeving.
Het perfecte recept
En nee, we waren niet alleen. Meermaals zochten studenten, onderzoekers, lab-eigenaren en initiatiefnemers van toekomstige labs de baanbrekende labs op om het recept van de community-based makerspace te begrijpen. Velen van hen zijn begonnen met het opstellen van de schets op basis van toegankelijke machines, regels en doelgroepen.
Hela, het opstellen stopte na de praktische installatie van de harde infrastructuur, het definiëren van een doelgroep, het definiëren van een dienst. Maar hoe zit het met echte connecties tussen mensen? Hoe zit het met wederkerigheid, wederzijdse bewondering, deel uitmaken van een gemeenschap en je veilig voelen op weg naar het ontwikkelen van nieuwe vaardigheden? Dus wat is het dan dat het ‘werkt’?
Een echte familie, die bijeen blijft
Jarenlang bestond onze makers community uit meer dan 100 betalende leden, maar we hadden bijna nooit het gevoel dat we niet genoeg machines hadden. Op een gemiddelde woensdagavond kwamen meer dan 20 mensen bijeen, bijna allemaal zonder deadlines of concrete plannen, maar met zoveel te bieden. Wat ze wilden, was bij de groep horen, samen projecten bouwen. Projecten die vooral uitzonderlijk, innovatief en eigendom van hen waren. Een apparaat om de luchtkwaliteit op je fiets te meten, een solarlamp voor TOGO, een recyclebot die 3D-geprint afval omzet in filament waren projecten onder leiding van het Timelab-team, maar er waren nog veel meer bevredigende samenwerkingen tussen de makers. Het profiel van deze groep was +40 blanke mannen, met een technische opleiding, met de behoefte om hun creativiteit de vrije loop te laten en bij te dragen aan de wereld. We werkten in een omgeving met een sterke no-nonsense instelling. We ontdekten hoe krachtig het was om kennis te hebben over hoe dingen werken, hoe de wereld werkt. Ja, zo was het. Citaten als: ‘als je het niet kunt openen, ben je niet de eigenaar’ en ‘er is altijd een oplossing’, werden onderdeel van het mentale DNA van de organisatie. Lionel, Fernand, Kris, Lieven B, Kurt, Koen, Jeffrey, Jan, Lieven S, je weet waar we het hier over hebben. Jullie erfenis leeft nog steeds.
En er was Midas. Hij was nog geen 14 toen zijn moeder ons belde om te vragen of hij lid kon worden van onze makersgemeenschap, want hij verveelde zich op school. Hij was wanhopig op zoek naar tutorials en communities die hem konden helpen bij het bouwen van zijn Arduino-vliegtuig. Binnen de kortste keren werd hij een deel van de familie. Hij werd bekrachtigd, gecoacht en gestimuleerd door de anderen. Tegenwoordig is hij afgestudeerd aan de aerodynamica van de TU Delft, een van de jongste ooit. Midas had geluk. Hij had ouders die hem elke woensdagavond naar Timelab konden brengen. Hij had de mogelijkheid om te kiezen. Wat als we meer Midassen konden vinden met minder privileges? We zagen hoe kwetsbare mensen hun professionele en sociale leven een vliegende start konden geven door te leren in een makerslab. We onderzochten de rol van de coach in sport en cultuur, gamification van het ontwikkelen van vaardigheden, beoordelingsinstrumenten en veel luisteren naar individuele verhalen, persoonlijke doelen en percepties van de kracht van de maker-omgeving.
Levenslang leren
Met de steun van de Europese financiering van Leonardo Da Vinci voor beroepsonderwijs (tegenwoordig: Erasmus +), hebben we een beoordelingsinstrument voor leerlingen ontwikkeld in het concept van het project Formalab. Later hebben we het in verschillende landen en binnen verschillende contexten en groepen in het voortgaande project Declic’in getest. Met het project Sports 4 Everyone ontwikkelde een groep makers, onder leiding van kunstenaar Zeljko Blace, een methodiek voor debat over inclusie in sport. Door een voetbaltafel in een diversiteitstafel te transformeren, leren de makers over verschillende aspecten van individualiteit en ontwerpen ze hun eigen beeldje voor op de tafel. Het eindresultaat is een tafel voor hun clubhuis of ontmoetingsplaats. Toegevoegd aan de hands-on workshop was een workshop over queering-sporten en het uiten van het ongehoorde.
Met ondersteuning van Erasmus + is er weer een iteratie aan de stream toegevoegd: Makerspace for Inclusion (M4I). Samen met partners Digijeunes (FR), Horizonlab (IT), Transit Projectes (SP) en NOD Makerspace (RO) hebben we ons opnieuw geëngageerd om de makerspace-omgeving te promoten als middel om de sociale inclusie van jongeren te bevorderen. De resultaten van het project zijn een methodologie voor educatieve maker-activiteiten, een reeks maker-workshops en bijbehorende instructables, een videoserie om een ​​inclusieve makerspace op te zetten en een beoordelingsinstrument voor de validatie en erkenning van vaardigheden die zijn verworven in een makerspace-omgeving.
Brave Spaces
Hoewel deze nieuwe laag in 2021 wordt toegevoegd, beginnen we er steeds meer van overtuigd te raken dat de hervorming van het onderwijs begint met de omgeving waarin empowerment wordt gestimuleerd en waar we een manier vinden om middelen te delen, conflicten niet te vermijden en vertrouwen op te bouwen. Door onze ruimte permanent open te stellen voor een school, overwinnen we het tijdsbestek van een workshop in het laboratorium, tutorials en harde competentie-gebaseerde evaluaties. Samen met Keerpunt Freinetschool ontwikkelen we het concept van Brace Spaces, en ontwerpen we onze ruimte volgens de lessen in queer gebarentaal en een 3D / VR-omgeving voor (ont)leren.

Reshaping Industry

Open source, hell yes!
Oh ja, we waren radicaal: open source is de manier waarop we werken. Dit was ongetwijfeld de sleutel om de dynamiek van de makersgemeenschap te begrijpen. Geen twijfel over de waarde. Een van de oprichtende bestuursleden was Dries Buytaert (oprichter en ceo van Drupal / Aquia), die ons veel heeft geleerd over de manier waarop open source kan werken en hoe bijdragers, freeriders en masters worden gedefinieerd. De ontwikkeling van open source software was een enorme inspiratiebron. De manier waarop R&D is georganiseerd, de manier waarop eigenaarschap wordt gedefinieerd en de manier waarop bijdrage wordt omgezet in sprints en ontwikkeling van het kernproduct. Door de makerspace omgeving duurde het niet lang voordat er veel concepten voor open hardware ontwikkeld werden. We noemden ze repareerbare machines. Lieven Standaert en Kurt Van Houtte bouwden een enorme open CNC-machine voor ons lab en produceerden een modulaire, verstelbare, herstelbare en draagbare CNC die in een mum van tijd hun weg vonden in Australië en Afrika in nog betere en geoptimaliseerde versies. Het heet Forking wanneer een open product zich in verschillende richtingen begint te ontwikkelen. Maar wat betekent het in termen van eigendom, verantwoordelijkheid en verhandelbaarheid?
Al heel vroeg in ons organisatieleven ontmoetten we Thomas Lommée die bezig was met het opbouwen van zijn open structuurplatform. Als ontwerper waardeert hij de esthetiek meer dan als ingenieur, die vooral wil dat het product kan worden gerepareerd. In het geval van Open Structuur werkte Thomas aan een set van afspraken waarin het product kan worden gekopieerd en geproduceerd. Forking is dus niet mogelijk.
Voorbij het object
Hoewel in eerste instantie de productie en het materiaal van de objecten de focus leken te zijn voor onderzoek, werd al snel duidelijk dat we een systemische aanpak nodig hadden. Met het project HAP, een samenwerking met ROOFFOOD waarin social designer Karen van der Perre een logistiek plan ontwierp voor het bezorgen van lunch aan kantoren in de binnenstad op basis van een principe dat we 'de melkboer' gingen noemen. De melkboer komt elke week, op hetzelfde uur, langs, haalt lege flessen en levert nieuwe melk aan de deur. Geen tijdige levering, maar een netwerk op basis van vaste stops en een langer contract. Het systeem van stops, elk ‘eigendom’ van het bedrijf waaraan we leverden, werd de basis van een logistiek systeem dat ook andere goederen kan vervoeren. Elke vrijdag om 11 uur. Door de toewijding aan de ‘route’ kreeg het bezorgbedrijf ook directe feedback van en een relatie met de klanten, die partners werden. Deze routinematige aanpak heeft ons perspectief op de markt van individuele snelle leveringen, vaak omschreven als de behoefte of vraag van klanten, totaal veranderd.
Een gedecentraliseerde fabriek
Door de manier waarop Open Source werkt te analyseren en met de ervaring van HAP en de makersgemeenschap, kwam het model van Knotfactory tot stand. Maar eerst waren onze ogen allemaal gericht op het internationale landschap en op wat er in andere landen gebeurde. Er is een nieuwe onderzoeksgroep ontstaan ​​met het P2P-netwerk waar wij deel van uitmaken. Cosmolocalism is het concept waarbij globale kennis wordt overgedragen naar een lokale context en terug. Het netwerk van Multifactories werd ook een inspiratiebron om een ​​blauwdruk op te zetten voor een businessmodel voor lokale, gedecentraliseerde productie in samenwerking met bio- en sociale economie. In 2020, na 10 jaar de kern van het onderzoek naar lokale productie te hebben gedefinieerd, kregen we eindelijk financiële steun van de Vlaamse overheid, VLAIO, om een ​​praktijkonderzoek en prototype op te zetten voor Knotfactory, een gedecentraliseerd productiesysteem voor producten gemaakt in het Japanse Duizendknoop.